In de Sunshine travel food bag vind je dit keer tussen alle kleurtjes ook een gezellige, kleine deelnemer in een zwart-paars jasje: de kalamata-olijf. Als je in Griekenland bent, dan word je ermee doodgegooid. Nu je even niet in Griekenland bent is het aan ons om ervoor te zorgen dat je met een Grieks doe-het-zelf-gerecht een ultieme Griekse ervaring ondergaat. En daar mag de kalamata-olijf, de koning der olijven, niet bij ontbreken.

De kalamata-olijf is vernoemd naar de Griekse stad Kalamata, waar de olijf oorspronkelijk groeide. Nu nog groeit deze olijf alleen in Griekenland, in de vallei van Messina in de buurt van Kalamata op de Peloponnesos. Daar rijpen ze in de fik van de Griekse zon tot ze het formaat van een flinke kers zijn en die mooie, donkerpaarse kleur hebben gekregen. Ze worden met de hand geplukt, gepekeld, gefermenteerd en gezouten om de bittere smaak de deur te wijzen. Vervolgens plonzen ze in een bad met some good old wijnazijn totdat het tijd is om verpakt en gegeten te worden.

Je had het vast al geraden: Kalamata-olijven zijn niet alleen heel lekker, maar ook gezond. Ze zijn een onmisbaar ingrediënt in het mediterrane dieet, niet alleen vanwege de heerlijke smaak, maar ook vanwege de vele gezondheidsvoordleen. Kalamata-olijven bevatten de meeste polyfenolen van alle olijven, krachtige anti-oxidanten die, zoals wij van anti-oxidanten inmiddels gewend zijn, ten strijde trekken tegen vrije radicalen en ontstekingen (zie je de oude Griekse wapens ook al tegen elkaar kletteren?). Verder pronken de kleine krachtpatsers met een groot arsenaal aan vitamines en mineralen, beschermen het ze het hart, houden ze de botten in conditie en zijn ze een goede bron van vezels, ijzer, magnesium en koper. Wie in Griekenland verder geweest is dan Chersonissos, heeft ongetwijfeld veel oude Grieken heel vitaal zien zijn. Terwijl jij op je laatste adem en met de tong op de knieën de helling probeert op te kruipen, zijn zij al uit het zicht verdwenen. Drie keer raden waar die motor mee gesmeerd wordt!

Eet dus wat vaker een kalamata-olijf. Ze zijn heerlijk, gezond en geven je het ultieme vakantiegevoel. Je kunt ze zo uit het vuistje snacken, je kunt er een tapenade van maken (heerlijk met citroen, olijfolie, zwarte peper, beetje knoflook, peterselie en ansjovis!) of je kunt ze in warme gerechten verwerken, zoals je dat aan de hand van het Sunshine recept van de Griekse bulgur gaat doen. Kalamata-olijven kunnen altijd en overal. En denk je nu: ‘Ja, maar ik heb geen delicatessenzaak hier in de buurt…’, slecht excuus, want Appie Heijn verkoopt de Griekse glorie ook gewoon. Biologisch en zonder pit. Zodat je niet net als ik in allerijl de tandarts moet gaan bellen omdat de splinters van je kies door heel de keuken vliegen. Ik had net iets te enthousiast op een olijf met pit gebeten. Dat waren trouwens wel Portugese olijven, maar dat doet niets af aan het verhaal.